Leve de vooruitgang!

009-Thumbnail een verkeersbord
Kijkend naar het achtuurjournaal twijfel ik er wel eens aan, maar op andere momenten weet ik het ineens weer zeker: er zit vooruitgang in de wereld!
Neem nou bijvoorbeeld de eindgebruiker.
Nog niet zo lang geleden was dat doorgaans een tobberige figuur, die wist dat elke werkdag weer allerlei verrassingen voor hem in petto zou hebben, en maar zelden prettige. Hij was weliswaar uitgebreid op cursus geweest om het te gebruiken computerprogramma te leren, maar dat betekende niet dat hij opdoemende problemen ook het hoofd kon bieden.
En de deskundige op de afdeling die hem eigenlijk zou moeten helpen, die sprak al haast net zulke geheimtaal als die IT-ers zelf. If you can’t beat them, join them? Stockholmsyndroom? Of een – vaak ook nog succesvolle – poging om de noodzakelijke kennis vooral voor zichzelf te houden, ter bevordering van een reputatie van onmisbaarheid die nog wel eens van pas kon komen in tijden van reorganisatie?
Hoe dan ook: eindeloze reeksen codes en sneltoetsen die uit het hoofd moesten worden geleerd, directory’s vol onbegrijpelijke bestandsnamen van maximaal 8 posities, spontaan dienstweigerende floppy’s, blauwe schermen: hij stond er grotendeels alleen voor.
Nee, het leven van de gemiddelde eindgebruiker ging niet over rozen.
 
Mijn eigen eindgebruikersloopbaan begon nog wel zo mooi.
De eerste stappen op de personal computer zette ik met ChiWriter, een tekstverwerker die gangbaar was onder bèta’s en die een wonder was van gebruiksgemak. De bijgeleverde cursus transformeerde mij in een pijnloos half uurtje van een voorzichtige beginner in een zelfverzekerde deskundige, die haar hand niet omdraaide voor het instellen van wat sneltoetsen voor diakrieten – heel handig gezien de grote hoeveelheden å’s, ä’s en ö’s die in mijn teksten voorkwamen.
Nog een kwartiertje erbij en ik kon ook nog formules typen die bijna een geheel beeldscherm besloegen – nergens voor nodig in mijn geval, maar ik was nu toch zo lekker bezig.
Kortom, mijn eerste schreden op het pad der eindgebruikers stemden zo optimistisch, dat ik al meende dat de relatie tussen de computer en mij louter gemak, nut en vreugde met zich mee zou brengen.
 
Toen kwam WordPerfect in mijn leven.
 
Kort nadat ik welgemoed was begonnen op mijn nieuwe werkplek, verscheen op mijn scherm de onschuldig ogende aanwijzing: ‘Druk Einde indien gereed’.
Dus drukte ik op de ‘End’-toets.
Niets.
E-i-n-d-e.
Weer niets.
E-I-N-D-E. Nee. Spatiebalk. Ook niet. Nog een keer de ‘End’-toets. Noppes.
Wel @&€&%#^*!!!
Een passerende collega die de stoom uit mijn oren zag komen, wierp een blik op mijn scherm en zei achteloos: ‘F7.’
‘Wat?’
‘F7. Is einde.’
‘Maar waarom staat er dan niet: ‘druk F7 indien gereed’?’
‘Gewoon. Dat weet iedereen.’
Bijna iedereen dan toch. Langzaam begon het me te dagen waarom haast al mijn collega’s kartonnetjes op de bovenkant van hun toetsenbord hadden liggen.
En het ergste was nog: het was zo. F7. En dat was nog maar het begin.
Aaaaaaaaaaaaargh!
 
Een eindgebruikers-gemoedstoestand als die van mij was ooit zo’n normaal verschijnsel dat er een uitdrukking voor bestond: het raampunt naderen. Dat betekende: bijna zover zijn dat je het dichtstbijzijnde venster open zou gooien en alles woest naar buiten kieperen.
Maar was het naderen dus bepaald niet ongewoon, ik heb nooit iemand gezien die het raampunt ook daadwerkelijk bereikte.
Inderdaad, heel jammer.
(Al ken ik wel iemand die in een vlaag van drift met haar muis hard op haar bureau sloeg. Toen ze, zittend tussen de brokstukken, schuldbewust belde om te melden dat haar muis kapot was, vroeg de helpdeskmedewerker vriendelijk: ‘Hij doet het niet, bedoelt u?’ Nou… ik bedoel eigenlijk echt kapot.’ ‘Ik begrijp het. Eens zien. Kan het zijn dat u hem even moet schoonmaken aan de onderkant?’ ‘Eh…’
Als zelfs de helpdesk er niet op verdacht was, was totale vernieling kennelijk inderdaad zeldzaam.)
Ik heb het net nog even gegoogeld, raampunt, maar de gevonden resultaten hebben vooral betrekking op kozijnen en dakramen. Geen spoor van doordraaiende eindgebruikers in elk geval.
Een verheugend signaal.
De tijden zijn veranderd!
 
Nu kon zo’n verandering ten goede ook haast niet uitblijven, want:
 
De technische mogelijkheden zijn verbeterd
Weliswaar konden ervaren gebruikers vaak razendsnel werken met die oude karaktergeoriënteerde interfaces, maar het kostte doorgaans heel wat bloed, zweet en tranen voordat je zo’n ervaren gebruiker was. Grafische gebruikersinterfaces en schermen met hoge resolutie bieden veel meer mogelijkheden om een gebruiker eenvoudig door een applicatie te leiden.
Al blijft het moeilijk om op een kleine oppervlakte duidelijk te maken wat je bedoelt. Laatst nog legde iemand mij snel de werking van een applicatie uit: ‘Zoeken doe je met het parapluutje.’ (Het bleek een zaklantaarntje.) Vlak daarna, een andere gebruiker: ‘Klik even op het blikkentorentje.’ ‘Wat?’ ‘Zo’n toren van blikjes. Die je met een bal kunt omgooien. Daar, linksboven.’ ‘Maar dat is een organigram!’
Glashelder is dus ook de huidige gebruikersinterface nog niet. Maar het mooie is: eindgebruikers van nu laten zich door dergelijke kleine onvolkomenheden volstrekt niet uit het veld slaan. Want dat is een ander deel van de verklaring:
 
Eindgebruikers zijn veel ervarener geworden
Niet zo lang geleden hoorde ik nog een beginnende computergebruiker die zijn nieuwe laptop niet uit kon krijgen, omdat het niet in hem opkwam dat hij het afsluiten moest gaan zoeken onder het startmenu. Heel begrijpelijk. (Hij kreeg trouwens ook de venstertjes niet gesloten. ‘Maar zag je dan niet het kruisje rechtsboven?’ ‘Jawel, maar ik dacht: dat is ‘keer’! Dan heb ik er straks nog veel meer!’ En kijk, dat was nou nog nooit in me opgekomen.)
Afsluiten moeten zoeken onder Start, dat is weliswaar uiterst onlogisch, maar je hoeft het maar één keer te zien. Het goede nieuws is dat een groot deel van de wereldbevolking, en zeker van de Nederlandse bevolking, dat leerproces inmiddels heeft doorgemaakt – en nog heel wat andere leerprocessen ook.
Zodat er haast geen Nederlander meer is in de leeftijd van 5 tot 105 die niet zelf electronisch zijn bankzaken kan doen, kijken of het nog gaat regenen vanmiddag of twitteren, facebooken en whatsappen tot familie en vrienden smeken om genade.
 
Wat voor de rest van de bevolking geldt, geldt natuurlijk ook voor ICT-ers:
 
Wij ICT-ers zijn veel ervarener geworden – ook als eindgebruiker
Aan de oude karaktergeoriënteerde schermen viel nog niet veel eer te behalen, maar met de komst van de grafische interface stond er een nieuw type ontwikkelaar op: de interface-enthousiasteling, die zich te buiten ging aan radiobuttons, dropboxjes, picklistjes en wat al niet meer. En als die ongebreidelde creativiteit leidde tot zes volkomen verschillende schermen voor zes vrijwel dezelfde exportjes? ‘Lekker belangrijk.’
Wij ICT-ers hadden zelf nauwelijks applicaties waar we eindgebruiker van waren (behalve natuurlijk het urenschrijfsysteem waar we unaniem hartgrondig over klaagden – tot er een nieuw kwam dat nog onhandiger bleek) en dus hadden we niet voldoende in de gaten dat je zo’n interface-vol-verrassingen razendsnel zat bent.
Maar download je nu een appje waarvan je na tien minuten nog niet weet hoe je het moet gebruiken? Dan gaat dat er met dezelfde vaart weer af. Nou vooruit, als je er €0,99 voor hebt betaald duurt je geduld misschien nog een kwartiertje langer, maar dan is het toch echt wel op.
Dus iedereen weet inmiddels uit eigen ervaring: die gebruikersinterface kan maar beter heel duidelijk zijn.
 
De afdelingsdeskundige van vroeger, die het monopolie had op noodzakelijke ICT-kennis, die denkt misschien nog wel eens met weemoed aan de goede oude tijd terug. Maar wellicht onderscheidt hij zich inmiddels door zijn kennis van zijn eigenlijke werk. Of is hij nu prima op zijn plaats op de ICT-afdeling.
Voor alle andere eindgebruikers geldt zeker dat de tijden er beter op geworden zijn. Niet dat er aan hun applicaties niks meer te verbeteren valt – er blijft altijd voldoende te mopperen over – maar over het algemeen zijn het min of meer neutrale stukken gereedschap geworden waar best mee te werken valt.
Niks angst, niks beven.
 
Als dat geen vooruitgang is…!
 
Het blijft moeilijk om op een kleine oppervlakte duidelijk te maken wat je bedoelt…
009-Een verkeersbord
De betekenis lijkt helder…
 
009-Twee verkeersborden
…totdat uit de context iets anders blijkt

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

You may use these HTML tags and attributes:

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>